Zwart als roet? Zwart van ‘t roet!

Het heeft even geduurd, ik heb me afzijdig gehouden, maar op de valreep toch nog even zwartepieten. Ik heb nog een paar uur. Alles in mij zegt: houd Piet zwart, maar niet ‘zwart als roet’, maar ‘zwart van ’t roet’.

Ik was er gewoon steeds niet uit: hoe moet Piet eruit zien. Dat komt omdat ik me in de argumentatie van beide kampen niet kan vinden. En met het rechtspopulistische standpunt heb ik moeite omdat het oneigenlijk is en vooral niet bijdraagt aan een oplossing.

De VVD zit overigens nu pijnlijk in de spagaat. Intern verdeeld tussen voor- en tegenstanders. En intussen de premier die het wegzet als volkstraditie, waar de politiek zich niet mee moet bemoeien. Horen volksvertegenwoordigers niet anders te doen dan zich te bemoeien met volkszaken. Sterker nog: worden ze daar niet voor betaald. En was het niet het Ministerie van Onderwijs dat nieuwe liedboeken liet aanrukken waarin ‘knecht’ omgebouwd werd tot ‘Piet’: ‘Zijn Piet staat te lachen’.

Waarom ben ik tegen een Piet die zwart is?

Mijn docent argumentatieleer Rob Grootendorst zou me er een onvoldoende voor geven. Maar ik ben dus tegen een zwarte Piet omdat ik de voorstanders niet trek. Zwarte Piet wordt door de nationalisten gekaapt en ingezet in hun xenofobe straatje. Want we moeten ons land terugpakken.

“Mijn kind wil dezelfde Sinterklaas als ik. We houden het als vroeger,” is dan ook de troefkaart. Oh ja, sterk, vroeger was alles beter. Dat je nog een kilometer langs de snelweg moest lopen naar een gele paal als je pech had, wanneer je pech had. Mooie tijd. Dat je nog moest bladeren van pagina 40 naar 398 in je spoorboekje op een winderig perron om te kijken of je een aansluiting van de trein zou halen. Veel praktischer. Dat je naar het postkantoor moest om met een girobetaalkaart geld op te halen voor het weekend. Veel gezelliger. Vroeger ja, toen we Indië nog hadden.

Maar ja, helaas. De moslims willen dat natuurlijk allemaal niet meer.

Waarom ben ik voor een Piet die zwart is?

Als kind heb ik vast en zeker tegen een Afrikaanse cliënt van mijn moeder gezegd: “Hey Zwarte Piet.” Bedoelde ik daarmee: “Ik mis de jutezak op je rug die de associatie oproept van een katoenplukker die wij Nederlanders per schip van Afrika naar Zuid-Amerika hebben vervoerd. En daarom vind ik je sowieso minderwaardig?” Nee. Ik zag in hem de vrolijke nar die mogelijk een cadeautje voor me had.

Ik kan dus niet goed bij de stroopwafelpieten en de Piet Mondriaans die het Sinterklaasjournaal te berde brengt als surrogaatknechten. Of…. hanteert de NTR de truc van het witte hondje?

Een docent Oost-Europese geschiedenis heeft mij ooit verteld dat een schilder in het communistische Tsjechoskowakije een portret moest maken van de grote leider. Hij vond het zelf mislukt en vreesde een enkeltje Siberie. Daarom schilderde hij op de schoot van de leider een wit hondje. Toen de leider kwam kijken, zei hij direct: “Wat doet dat hondje daar? Haal dat weg!” Hij was zo afgeleid door het hondje dat hij de rest van het schilderij niet meer goed bekeek, wat de redding voor de schilder was.

Het Sinterklaasjournaal kan dezelfde truc gebruiken dat nu iedereen over de kleurenpieten valt en dat volgend jaar iedereen toch tevreden is met veegpieten. Doe twee stapjes naar voren, en een stapje terug.

Voor mij is Zwarte Piet een clown die vanwege zijn verblijf in de schoorsteen zwart is geworden. Door hem bruin te schminken, wat nu als halfbakken excuusPiet wordt gebruikt, maak je het alleen maar erger. Dat slaat nergens op en kan alleen maar meer met Afrikaanse roots te maken hebben. Of stoken we bruinkool in de kachel?

Als we gewoon de zinsnede ‘Ook al ben ik zwart als roet’ zouden wijzigen in ‘Ook al ben ik zwart van’t roet’, dan zijn we in een keer klaar. En dat hij dan de knecht van Sinterklaas is, lijkt me geen enkel probleem.